Home

Maar stem geen D66!

Een paar blogs geleden beloofde ik terug te komen op de biografie van Tweede kamerlid Koser Kaja. In haar bio op Tweedekamer.nl stond achter haar inactief (maar wel functioneel) rechterschap een datum. Dat is vreemd want meestal staat er een periode van activiteit. Het blijkt nu dat ze eigenlijk nooit actief is geweest maar wel op gemelde datum beëdigd als plaatsvervangend rechter. Ze is dus wel opgenomen in het toch wat verdachte gremium Rechterlijke Macht maar heeft daar nooit wat voor gedaan. En toen is ze wel met die dubbele loyaliteit in de Kamer gaan zitten. Ik bedoel dus niet dubbel paspoort maar de loyaliteit aan twee poten van de Trias Politica tegelijk.

Ik vind al die rechters die hun beroep combineren met volksvertegenwoordiger neprechter en nepparlementarier tegelijk, zonder daarmee ook maar in de verste verte een keuze voor Wilders te maken. Koser Kaja is dan toch wel de meest neppe neprechter in die verzameling.

Maar goed nieuws. Als ik het goed zie staan er nu geen rechters op de nieuwe lijst van D66. Swinkels en Koser Kaja kan ik niet terug vinden en met de zoekopdracht Rechter in het kandidatenboek krijg ik geen resultaat. Daarmee is een einde gekomen aan een D66 traditie althans in de Tweede Kamer. Blijkbaar heel bewust maar in alle stilte. Degene die achter de telefoon zat bij D66 wist er in ieder geval helemaal niets van en een d66-pamfletter zaterdag op de markt ook niet. De Eerste Kamer ga ik nog wel eens bekijken. Of doet u dat even voor mij beste lezer?

Oh ja en rechter Jeroen Recourt van de PvdA staat dus nog wel op de PvdA-lijst.

Stem toch geen D66, nog steeds de partij van de hypocrisie over de rechtstaat. Mijn stemadvies is, stem op een persoon in plaats van een partij. Bijvoorbeeld Pieter Omtzigt. Niet dat die speciaal veel voor vaders deed of iets in het familierecht. Maar hij pakt wel fundamenteel en vasthoudend misstanden aan. Ik wens mijn lezers veel wijsheid toe in het stemhokje.

Advertenties

Heldere nuance

4 april 2011

‘Maar je kan persoon A en persoon B toch niet met elkaar vergelijken?’ zo probeerde Lilian Helder de Tweede Kamer en vooral Sharon Gesthuizen een lesje te geven in statistiek. Niet ten onrechte.

Ik zie me al publiek staan uitleggen wat er niet deugt aan een hele reeks sociaal-wetenschappelijke onderzoeken. Zoals dat van Tamar Fischer. Tamar kwam tot de conclusie dat niet aan te tonen is dat vaders na scheiding ergens toe dienen. Dat onderzoek analyseren is moeilijke stof. Weerlegging vergt niet alleen inzicht in statistiek, maar ook in methodologie en nog wat aanpalende wetenschapsgebieden. Bovendien zou je eigenlijk het hele onderzoeksrapport moeten lezen. Ik heb dan ook medelijden met Lilian Helder. En ik ben kwaad op Sharon Gesthuizen. Dit hoewel mijn politieke voorkeur bepaald andersom ligt. Beide dames lagen met elkaar overhoop over de waarde van een statistisch onderzoek dat het effect van taakstraffen vergeleek met het effect op de recidive van gevangenisstraffen.

Ik kan me goed herinneren dat ik een keer Matthijs Kalmijn (nu hoogleraar)  probeerde te wijzen op het onmiskenbare feit dat hij de media inging met voorlopige onderzoeksresultaten waarvan nog geen zorgvuldige weging van de non-respons had plaatsgevonden. Ik ga het hier ter plekke niet eens meer proberen uit te leggen wat daar het belang van is. Men leze mijn boeken (Gemist Vaderschap). Bij Kalmijn leidde dit in ieder geval tot een ernstige onderschatting van het aantal gemiste vader-kind-contacten. Later bleek mijn gelijk uit CBS-onderzoek, dat al weer iets beter in elkaar zat.

Sociaal-wetenschappelijk onderzoek staat bol van de flauwekul. Gesubsidieerde flauwekul. Ego en mediagedreven flauwekul. Als je het een paar keer hebt aangetoond ben je hoe langer hoe minder geneigd daar hele onderzoeksverslagen voor door te lezen. Vooral omdat er geen journalist is te vinden die er moeite voor doet het te begrijpen of te doorgronden. Het verschil tussen Lilian en de rest van de kamer is dan ook wellicht alleen maar dat zij toevállig gelijk had. En de rest haar erg arrogante ongelijk heeft gehaald, wat mij betreft. De hele integrale Tweede Kamer snapt niets van statistiek, immers wat schrijven de onderzoekers zélf in hun onderzoeksverslag: blz 346: ‘It is also important to note that in the end our results are not based on a random experiment whereby offenders were randomly assigned to either community service or imprisonment. Therefore, caution is warranted when interpreting these results in terms of causality. Studies using observational data always remain vulnerable to hidden bias resulting from unobserved variables. Conducting true experiments that introduce randomness in the sentencing decision thus remains desirable.’ Alle rede dus om twijfel te hebben, vooral omdat uit Zwitsers experimenteel onderzoek het omgekeerde blijkt. Het eerste heb ik net op Wikipedia toegevoegd, het laatste heb ik er gevonden.

Arrogante onderzoekers stappen naar de media met klinkende resultaten. De voorbehouden, die er ergens in  hun rapport nog wel staan, worden daar dan maar niet genoemd. En als ze wel worden genoemd worden ze door de journalist niet opgeschreven. En dit soort neuteligheid wordt dan in de politieke  arena gebruikt om elkaar ongenuanceerd om de oren te slaan. Mijn nuance is in dit geval dat ik als SP-er een PVV er gelijk geef als dat verdiend is, en een SP-er ongelijk. En dan gaat het in dit onderzoek gelukkig niet om kinderen en vaders. Hoe daar mee aangerotzooid wordt valt helemaal uit het zicht van onze politici van links tot rechts.

het Wikipedialemma Lilian Helder

ps: Lilian blijkt inmiddels ook publiekelijk haar gelijk te hebben gekregen in de NRC en via andere onderzoekers.
Haar critici heb ik er nog niet over gehoord. Sharon? Ook zelf heb ik op deze manier een beetje gelijk gekregen. Maar ondertussen heb ik van ene Fred Lambert op wikipedia te horen gekregen dat ik niets van statistiek snap. Lijk ik ondanks geheel andere politiek achtergrond een beetje op Lilian Helder?

%d bloggers liken dit: