Home
met de kop tegen de andere kant van de spiegel lopen

Met je kop tegen de andere kant van de spiegel aanlopen. Zie laatste zin van dit blog. (c) Joep Zander 2002

‘De tijd dat de wetenschap ex cathedra (vanuit de zetel, red.) sprak en iedereen zich daarbij neerlegde, is gelukkig voorbij’, zegt André Knottnerus.

Knotnerus was de afgelopen 7 jaar de voorzitter van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR). Zijn plek zal worden ingenomen door de Tilburgse hoogleraar recht Corien Prins.

Je zou verwachten dat Prins nu een punt gaat maken van de opmerkingen van haar voorganger. Een feit is echter dat Prins in het verleden juist weigerde in discussie te gaan over een van de belangrijkste kernpunten in haar werk, de transparantie van het rechtsbedrijf. In  theorie vindt ze die transparantie uiteraard heel belangrijk. In de praktijk weigerde ze met mij in discussie te gaan over het juist extreme gebrek aan, wettelijk vereiste, transparantie van een groot deel van de rechterlijke uitspraken in Nederland (en andere landen). Nou ben ik niet eens een gewone burger. Aanleiding was een semi-wetenschappelijk artikel dat ik schreef voor het vaktijdschrift Nederlands Juristen Blad (NJB). Het artikel was niet zomaar een vodje. Het kreeg prima kwalificaties mee ( zoals ‘goed en overtuigend’) van een hoogleraar, twee prominente juristen en enkele gewone burgers ( ik wil de namen nog even voor me houden). Plaatsing van het artikel werd afgewezen. Dat is tot daar aan toe. Maar de gronden daarvoor waren werkelijk absurd. Corien was een van de redactieleden die verantwoordelijk waren voor deze afwijzing. Desgevraagd gaf ze aan dat ik best in discussie kon met de redactie over die afwijzing. Maar niet met haar. Ook dat is op zich begrijpelijk. Maar dan moet de discussie wel plaatsvinden. De redactie wees echter elke discussie  af.

Naar ik heb begrepen was Corien Prins op de vergadering waar de discussie werd afgewezen afwezig, maar dat maakt haar niet minder verantwoordelijk. Het schept eerder de indruk dat ze te laf was om een standpunt in te nemen. Hoe dan ook, na die afwijzing van een gedachtewisseling heb ik alle individuele leden van de redactie er nog eens op gewezen dat ze ook stuk voor stuk een zekere plicht hebben om als wetenschapper (want dat waren ze allemaal) althans de discussie te voeren. Geen enkele reactie daarop. Een herhaald schrijven naar Prins leverde ook helemaal geen reactie meer op. Het is alsof er een spiegel tussen ons instaat Corien. Aan jouw kant lijkt ie heel transparant, aan mijn kant zie ik er niets doorheen. In die transparantie zie jij slechts je eigen gezicht.

 

Advertenties

Transparantie

25 januari 2016

Wij burgers moeten steeds transparanter worden en de overheid steeds ondoorzichtiger. Zo legde ik simpel en duidelijk afgelopen zaterdagavond de gang van zaken uit. Geen openbaarheid van uitspraken, geen antwoorden meer van ambtenaren en ook niet van ministers. Ik was onder de indruk van het kunstwerk dat het Leidse universiteitsblad Mare maakte van het rapport Maat. Wat niet zwart gemaakt is bevatte ook niets nieuws.

De Matrix die Mare Maakte van Maat

Zondagochtend kwam mijn oude maatje uit het scholierenverzet, Paul Frissen, in het programma Boeken van de VPRO van alles uitleggen over transparantie en geheimhouding en de zin ervan. Maar mijn eenvoudige tegenstelling (burger-overheid) heb ik gemist. Min of meer klonk er wel eens wat van door maar het was vooral een filosofische versluiering. En dat was misschien ook precies wat hij bedoelde. Het boek ging over de zin van geheimhouding. En over geheimhouding zelf moet je dan misschien ook wel geheimzinnig doen. Ja Paul, sorry, misschien moet ik eerst je hele boek lezen voor ik er echt iets over kan zeggen, maar ja ik ben even bezig om weer wat op een rij te zetten over die openbaarheid van uitspraken.

Het boek van Paul Frissen

De reactiemogelijkheden voor dit blogje zijn gesloten. U kunt mij desgewenst bereiken via: http://joepzander.nl/formjoepa.htm

ego aan het roer

31 januari 2011

Ook in de vaderbeweging moeten er mensen aan het roer staan. Zoals bij veel groepen in de verdrukking is dat de moeilijkste positie. Eigenlijk doe je het altijd fout. Daarom geen graag gewilde positie. Behalve voor de mensen die het met een sterk ego-belang doen.

De enkele keren dat ik dit soort posities had deelde ik ze met anderen. Desalniettemin is het op me nemen van die verantwoordelijkheden me niet in mijn koude kleren gaan zitten. Zo erg dat ik het al jaren niet meer doe. Ik trek me het teveel aan om voortdurend pispaaltje te zijn. Dat heeft me overigens altijd wel geïntrigeerd de nabijheid van die twee rollen.

Maar ook de andere kant is vaak niet prettig. Als je de leiding niet neemt hebben anderen dus de leiding. Die dat nog doen, zijn vaak zo gehard tegen kritiek dat ze terechte en onterechte kritiek niet meer kunnen onderscheiden, een gezonde blik op zichzelf ontberen. Leiding als egopopup die de in hun vaderschap getraumatiseerde een welkome pleister tegen het verlies van eigenwaarde biedt. Als zelfdenkende volger kan je het daar knap moeilijk mee krijgen.

Kapiteins aan het roer hoeven in storm niet te velen dat een matroos zich bemoeit met de stand van de zeilen. Maar anderzijds zou het hun dan ook alleen erom moeten gaan het schip een behouden vaart te bieden, moeten matrozen wel gewaardeerd worden en na de storm gewoon weer mee mogen denken. Kapitein aan het roer in de vaderbeweging vraagt vaderlijke stuurmanskunst in optima forma. Waar haal je dat vandaan?

Een paar jaar gelden zei ik, als forumlid van de vadertop, een keer dat het gezond zou zijn als in de vaderbeweging eens wat minder op het ego zou worden gespeeld. Een bestuurslid van de stichting Dwaze Vaders in de zaal merkte op “dat moet jij nodig zeggen” Kennelijk bedoeld om de bal naar mij terug te spelen. Hoewel het me irriteerde, de bal had nog geen halve seconde bij hemzelf gelegen, zit er niets anders op dan ook dit ter harte te nemen. En ik moet zeggen; ik verdedig mijn ego ook wel eens. Teveel? Ik vind het moeilijk. te zeggen. Ik laat me soms niet uit de geschiedenis schrijven terwijl ik misschien beter bezig kan zijn nieuwe geschiedenis te maken. Mij rest mededogen met mijn en andermans gekwetste ziel.

%d bloggers liken dit: