Home

rechter2open brief aan columnist, voormalig hoofdredacteur NRC n.a.v column

Geachte heer Jensma,

Afgelopen weekend kreeg ik op de Brink in Deventer weer eens een NRC-next in handen gedrukt. Zoals gebruikelijk neem ik dat aan met de woorden dat ik geen abonnement wil. De straatventers van NRC worden echter de laatste tijd steeds happiger om toch een discussie te voeren over het hoe en waarom daarvan. Op zich een goede zaak. Ik ben ook de beroerdste niet en een echte discussie is nooit weg. Dus als ik tijd heb dan ben ik meestal wel bereid daar een paar minuten aan te besteden. Met name als het om de NRC gaat besteed ik er aandacht aan dat de berichtgeving over de rechtstaat en het rechterlijke apparaat weliswaar typisch een NRC-onderwerp is, maar dat het dan juist tegenvalt qua diepte en bereidheid om aan waarheidsvinding te doen. Ja de krantenventer begon aanvankelijk al te glunderen want hij dacht  al dat hij een aanknopingspunt had, maar helaas voor hem en de NRC was dat wel een aanknopingspunt in de discussie maar niet voor het verkooppraatje.  Uiteindelijk komt in zo’n gesprek dan ook wel eens de manier aan de orde waarop voormalig hoofdredacteur Jensma, zonder er ook maar iets van te lezen al wist dat een door mij geschreven artikel dan wel een voor uw publiek geschreven variant daarop, niet interessant genoeg zou zijn. Afin per slot nam ik, uiteraard zonder iets te kopen of te beloven, een exemplaar van de zaterdageditie van NRC-next mee naar huis zodat ik mijn toch wel sceptische mening over de conditie van de Nederlandse hoofdstroommedia zou kunnen toetsen en eventueel bijstellen. Vol goede moed voorzag ik mijzelf van een kopje koffie en bladerde wat door de krant op zoek naar iets dat mijn belangstelling zou kunnen wekken.

En natuurlijk was het even schrikken, want in dit nummer kwam ik een column van uw hand tegen waarin u, in Colijn’s voetsporen, uitlegt dat we hier in Nederland allemaal rustig kunnen slapen omdat we hier in tegenstelling tot andere plekken op deze wereldbol  in een rechtstaat zouden leven. Ik kan me voorstellen dat u er niet rustig bij kunt slapen als u werkelijk uw journalistieke verantwoordelijkheid neemt om te berichten over de staat van de Nederlandse rechtstaat zoals bijvoorbeeld beschreven in mijn artikel over onder andere de openbaarheid van rechtspraak. Als u moet erkennen dat de scheiding der machten vooral door die rechterlijke macht zelf wordt gebruuskeerd voelt dat vast ongemakkelijk. Ik merk op dat u ook veel schrijft voor het Nederlands Juristenblad, een bezigheid die mogelijk in gevaar zou kunnen komen als u zich kritisch (meer dan het ietsepietsje dat u eerder ventileerde) uitlaat over de rechterlijke macht en al helemaal als u daarbij aandacht zou geven aan wat ondergetekende daarvan vindt.

Toch ben ik er ergens van overtuigd dat het niet helemaal mogelijk is dat u ooit hoofdredacteur was van een ‘gezaghebbende’ krant zonder diep van binnen ook wat journalistieke mores mee te hebben gekregen. Waarschijnlijk houdt u uw morele waarden vooral in stand door stevig de andere kant uit te kijken als er zich iets aandient wat niet past binnen uw cognitieve elastiek. Ik bedoel met dat woord dat het wellicht te onplezierig is om de werkelijkheid te zien. Het zou de nachtrust kunnen bederven.

Ik maak mij weinig illusies over uw reactie in deze en dat is natuurlijk op zich al een betreurenswaardige situatie. Immers wij pretenderen in Nederland om met elkaar in gesprek te blijven. Ook al zo’n sprookje helaas. Mijn afwerende houding naar de reguliere Nederlandse media wordt elke keer weer bevestigd door een zeer afstotende houding van die media zelf. Om denigrerende reacties voor te zijn, merk ik nog op dat ik veel, maar ook veel niet, gepubliceerd heb in diverse journalistieke formats (wetenschappelijk, vaktijdschriften, opinieartikelen, boekhoofdstukken en boeken) en dat bedoeld artikel door mijn toenmalige promotor als goed en overtuigend was betiteld.

Ik ga niet rustig slapen. Werkelijk niet.

met vriendelijke groet

(ps: ik zal deze brief op mijn blog publiceren en hem daar voorzien van de nodige linken ter onderbouwing (https://joepzander.wordpress.com/)


Joep Zander

Advertenties

Ja wie kan daar nou wat tegen hebben. Meer aandacht voor democratie en vrijheid van meningsuiting in het onderwijs.

‘De staatssecretaris wil dat scholieren zich bewuster worden van alle vrijheden en plichten, die in onze grondwet staan.’ 

Staatssecretaris Dekker is ook nog eens lid van de VVD die uiteraard, de naam zegt het al voor vrijheid is. Oh ja?

Ik eindigde een nog steeds niet gepubliceerd artikel (volgens mijn promotor goed en overtuigend) met opmerkingen over het stelselmatig negeren van de grondwet en de scheiding der machten door, jawel, de rechterlijke macht, met het volgende citaat:

What did you learn in school today dear little boy of mine?…I learned that justice never ends.

En dat is wat men de leerlingen vooral nog steeds door de strot wenst te wringen alsof het een stel ganzen zijn die vooral veel lever moeten opbrengen.

Wat leerlingen werkelijk moet worden geleerd is om zelf op zoek te gaan naar elk hoekje en gaatje van de democratie. En dat begint met het je eigen maken van de kritiek op de staat van de rechtstaat zoals mensen als ondergetekende regelmatig beoefenen. Maar ik weet heel erg goed dat mijn zoon het wel uit zijn hoofd zal laten om het daarover te hebben, dan wordt het al snel onder valse noemers  een paar punten erafgeschat. En zelf ben ik ook een paar keer door schoolleiders op onbeschofte wijze afgeschoten, zo erg dat ik het er in een geval niet eens maar over ga hebben tot ik niets meer met die school te maken heb (en maar roepen dat je je klachten vooral moet uiten).

Ons onderwijs is erop gericht nepnieuws, nepwetenschap en nepvertrouwen in de overheid te brengen. Het is dus neponderwijs. Maar uiteraard ben ik in hun (Dekker, rechters) ogen een grote nepper. En de meeste van u trappen daarin. Ja u denkt van niet misschien, maar misschien moet u er nog een keer goed naar kijken. Uiteraard wil ik best wel met Dekker hierover in discussie. Ik heb ook geprobeerd met Corien Prins in discussie te treden (komend voorzitter WRR en redactielid NJB) over de werkelijkheid. Maar zij schrijft liever leuke filosofische verhandelingen zonder naar de werkelijkheid te kijken. Dat zo iemand aan de top komt is voor mij een duidelijkheid signaal dat nepwetenschap de overhand heeft gekregen. wetenschap die niet echt meer in discussie gaat.

‘De waarheid is niet sexy’ vatte een van mijn vaste volgers het samen. Nepwaarheid is wel heel sexy.

slager1‘Het is duidelijk dat dat familierecht volgens jou niet deugt en dat is misschien ook zo, maar naar mening van de redactie is de remedie met zekerheid niet de publicatie van ………….. uitspraken .…………………….‘  (redactie van het Nederlands JuristenBlad)

Geen openbaarheid (ik had het in mijn artikel niet alleen over publicatie, maar ok) van uitspraken. Het helpt niet voor de kwaliteit!?

Een parabel

Er was eens een slager in het stadje Rechtvoorderapen en die had iets tegen keurmeesters, zeker als ze hun werk kwamen doen. Hij was niet te beroerd om ze af en toe een lekker mals lapje vlees toe te schuiven, maar van pottenkijkers moest hij  niets hebben. Gelukkig voor hem waren er nogal wat keurmeesters die zich inderdaad goedkeurend uitlieten over het hun toegeschoven lapje vlees en, dus zonder te liegen, konden volhouden dat ze het vlees hadden goedgekeurd.

Op een dag kwam er een nieuwe keurmeester langs die niet zo bekend was met de vreedzame manier waarop al jarenlang, in het belang van het vlees, werd goedgekeurd. ‘Ik wil graag een kijkje nemen in je koelcel’ zei hij.

‘Nergens voor nodig’ zei de slager recht voor de raap. ‘Al mijn vlees is prima in orde, ik krijg eigenlijk nooit klachten’.

‘Toch heb ik wel eens verhalen gehoord over stinkende lapjes vlees en ziekteverschijnselen’, zei de keurmeester.

openbaarheid Prins

Redactielid Corien Prins over openbaarheid. Klik voor vergroting  bron

‘Ach ja, er zijn natuurlijk altijd mensen die hun vlees niet in de koelkast bewaren. Daar heb ik natuurlijk geen zicht op’, zei de slager. ‘Vertrouwt u mij soms niet? Wil je niet een lekker biefstukje? En hier heb ik ook nog wat vlees, daar mag u ook wel in kijken………Het wordt er allemaal echt niet beter op als u hier alles gaat nakijken, dan wordt iedereen alleen maar ongerust en wordt alleen al ziek van de gedachte dat ze vorige week dan misschien wel een niet helemaal vers stukje vlees hebben gegeten. Al die Rechtvoorder Apen vieren het liefst volgend jaar weer gewoon carnaval.’

Wie oren heeft, die hore (Mattheüs 13:9)

Overigens heeft redactielid, Corien Prins,  best wel interessante dingen beweerd over openbaarheid. Waarvoor complimenten (zie rechts).

===================================================================
Dit is de derde in een serie blogs over de staat van de redactie van het Nederlands JuristenBlad. de volgende in de serie.

De redactie van het NJB bestaat uit voorzitter en voormalig lid van de Hoge raad Coen Drion, voormalig hoogleraar, nu lid Hoge Raad Ybo Buruma en Advocaat Generaal bij de Hoge Raad en hoogleraar: Ton Hartlief, Taru Spronken, Peter J. Wattel en de hoogleraren Corien (J.E.J.) Prins en Tom Barkhuysen,

‘Hetzelfde geldt voor wat betreft je klacht over niet openbare uitspraken: die worden waarschijnlijk nog wel op een openbare zitting gedaan,….’

en:

Daarbij zeg je overigens niets over enig concreet verzoek in een individuele zaak. Dat wordt denkelijk wél gehonoreerd.…

Nog twee passages (zie eerder blog) uit de merkwaardige afwijzingsgronden van de redactie van het Nederlands JuristenBlad in verband met mijn artikel over de verdachte antecedenten van de Raad voor de Rechtspraak en de niet-openbaarheid van uitspraken in, onder andere, het familierecht. Die redactie, bestaande uit (emeritus) hoogleraren en Hoge Raadsleden denkt dus dat uitspraken in het familierecht nog op een openbare zitting letterlijk worden uitgesproken. In welke wereld leven deze heren en een dame denkelijk, waarschijnlijk?

Ik begin maar even met een citaat van Willem Korthals Altes, toen hij dit in 2006 schreef, raadsheer bij het Hof Arnhem:

befgajes in de bajes

Valsheid in geschrifte, ambtsmisdrijf

‘Vele malen per jaar typ ik ‘en in tegenwoordigheid van de griffier uitgesproken ter openbare terechtzitting van [datum]’ en sla ik het aldus afgesloten concept-arrest voldaan in mijn computer op. De VMC-studiecommissie Openbaarheid van rechtspraak heeft deze frase in haar rapport Toegang tot rechterlijke uitspraken nu genadeloos als een leugen (misschien wel De Grootste Leugen) ontmaskerd. Mijn arrest wordt evenmin als de overgrote meerderheid van de rechterlijke beslissingen in Nederland ooit op een terechtzitting uitgesproken en al helemaal niet in het open
baar. De procureurs van partijen krijgen de grosse of een afschrift en voor het overige verdwijnt het arrest met het griffiedossier in het archief. Heel misschien komt het op de site van http://www.rechtspraak.nl terecht, maar dan moet het tot de statistisch haast verwaarloosbare elite van 0,9% gelukkigen toetreden. Bovendien is de kans groot dat het arrest om privacyredenen dan ook nog eens wordt geanonimiseerd. Leve de openbaarheid van onze rechtspraak dus! (VMC zie link)

Deze raadsheer geeft zijn valsheid in geschrifte nog gewoon toe alsof het niets is. En het is allemaal nog veel erger. In mijn omstreden artikel geef ik juist uitvoerig aan dat je, als burger, ook helemaal geen toegang krijgt tot dat soort uitspraken (behalve dus die 0,9%, inmiddels een promille of zo meer), zeker niet in het familierecht en ook niet enkelvoudig of individueel. Ik beschreef wat ik daartoe 20 jaar lang heb verzet.

De door Korthals Altes gegeven beschrijving van de gang van zaken wordt ook prima gedekt door een citaat uit een mail, die ik dit jaar in mijn hoedanigheid van rechtbankdeskundige, kreeg van senior juridisch medewerker/griffier Mr. Sluijters van de rechtbank Gelderland (Arnhem):

‘In onderhavig geval is de uitspraak niet mondeling in een openbaar toegankelijke gelegenheid uitgesproken en is deze evenmin is gepubliceerd. De beschikking is verzonden aan partijen/belanghebbenden, waarmee conform voormelde artikelen is voldaan aan het openbaarheidsvereiste.’

Sluijters geeft hier prima weer wat in heel Nederland gebeurt met dit soort uitspraken,  er wordt opgeschreven dat ze openbaar worden uitgesproken, maar dat is niet het geval. Massale valsheid in geschrifte en een gang van zaken die leidt tot nietigheid in al die miljoenen uitspraken in het familierecht van de laatste decennia. Want zo lang gaat dat al zo. De redactie van het fameuze Nederlands JuristenBlad leeft dus waarschijnlijk al decennia lang in een waanwereld. Als ik andersom, en terecht nu zou beweren dat Nederland geen rechtstaat is met dit soort bananenrepubliekpraktijken (zie notitie hieronder), dan loop ik de kans om naar een psychiatrische instelling te worden afgevoerd als ware ik iemand met waandenkbeelden. Of wellicht de goelag archipel (gedwongen behandeling van extremisten) van Ronald van Raak. Een waanpraktijk, denkelijk waarschijnlijk. Maar ik laat mij nergens meer door weerhouden.

Dit is de tweede in een serie blogs over de staat van de redactie van het Nederlands JuristenBlad. De volgende blog in de serie

De redactie van het NJB bestaat uit voorzitter en voormalig lid van de Hoge raad Coen Drion, voormalig hoogleraar, nu lid Hoge Raad Ybo Buruma en de hoogleraren: Tom Barkhuysen, Ton Hartlief, Corien (J.E.J.) Prins, Taru Spronken, Peter J. Wattel

dossier openbaarheid van uitspraken
Een meer zakelijke opsomming van feiten en argumenten rondom de openbaarheid van rechterlijke uitspraken. Dit verhaal dekt voor een deel wat ik in het omstreden artikel voor het NJB beweer.

PS1 met excuses aan de bananenrepublieken die in werkelijkheid natuurlijk zo heten omdat ze onder het dictaat leven van westerse (bananen)bedrijven als Monsanto,  United Fruit (chiquita) en Standard fruit (Dole) die hun macht via idiote patenten kunnen uitoefenen die alleen kunnen bestaan met geperverteerde Westerse juridische systemen. Ze zijn dus eerder het slachtoffer dan het slechte voorbeeld.

Daarbij komt dat het aanvragen van een patenten heel erg duur is en dat het ook kan worden aangevochten door (dure) advokaten van een tegenpartij. En dat zou de Bolster niet eens kunnen betalen. Ze hebben evenmin geld om de patentaanvragen van Monsanto, Synganta en enkele andere bedrijven aan te vechten hoewel dat eigenlijk zou moeten gebeuren, want het gaat in feite om een vorm van diefstal. bron

Iets om over na te denken als we weer eens aan ontwikkelingswerk doen door onze rechters op pad sturen om ergens het lichtende voorbeeld te gaan geven. Maar denk zeker ook aan TTIP waarmee we via rechters wanverhoudingen in arme landen gaan afdekken met schijnjuristerij.

%d bloggers liken dit: