Home
met de kop tegen de andere kant van de spiegel lopen

Met je kop tegen de andere kant van de spiegel aanlopen. Zie laatste zin van dit blog. (c) Joep Zander 2002

‘De tijd dat de wetenschap ex cathedra (vanuit de zetel, red.) sprak en iedereen zich daarbij neerlegde, is gelukkig voorbij’, zegt André Knottnerus.

Knotnerus was de afgelopen 7 jaar de voorzitter van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR). Zijn plek zal worden ingenomen door de Tilburgse hoogleraar recht Corien Prins.

Je zou verwachten dat Prins nu een punt gaat maken van de opmerkingen van haar voorganger. Een feit is echter dat Prins in het verleden juist weigerde in discussie te gaan over een van de belangrijkste kernpunten in haar werk, de transparantie van het rechtsbedrijf. In  theorie vindt ze die transparantie uiteraard heel belangrijk. In de praktijk weigerde ze met mij in discussie te gaan over het juist extreme gebrek aan, wettelijk vereiste, transparantie van een groot deel van de rechterlijke uitspraken in Nederland (en andere landen). Nou ben ik niet eens een gewone burger. Aanleiding was een semi-wetenschappelijk artikel dat ik schreef voor het vaktijdschrift Nederlands Juristen Blad (NJB). Het artikel was niet zomaar een vodje. Het kreeg prima kwalificaties mee ( zoals ‘goed en overtuigend’) van een hoogleraar, twee prominente juristen en enkele gewone burgers ( ik wil de namen nog even voor me houden). Plaatsing van het artikel werd afgewezen. Dat is tot daar aan toe. Maar de gronden daarvoor waren werkelijk absurd. Corien was een van de redactieleden die verantwoordelijk waren voor deze afwijzing. Desgevraagd gaf ze aan dat ik best in discussie kon met de redactie over die afwijzing. Maar niet met haar. Ook dat is op zich begrijpelijk. Maar dan moet de discussie wel plaatsvinden. De redactie wees echter elke discussie  af.

Naar ik heb begrepen was Corien Prins op de vergadering waar de discussie werd afgewezen afwezig, maar dat maakt haar niet minder verantwoordelijk. Het schept eerder de indruk dat ze te laf was om een standpunt in te nemen. Hoe dan ook, na die afwijzing van een gedachtewisseling heb ik alle individuele leden van de redactie er nog eens op gewezen dat ze ook stuk voor stuk een zekere plicht hebben om als wetenschapper (want dat waren ze allemaal) althans de discussie te voeren. Geen enkele reactie daarop. Een herhaald schrijven naar Prins leverde ook helemaal geen reactie meer op. Het is alsof er een spiegel tussen ons instaat Corien. Aan jouw kant lijkt ie heel transparant, aan mijn kant zie ik er niets doorheen. In die transparantie zie jij slechts je eigen gezicht.

 

Ja wie kan daar nou wat tegen hebben. Meer aandacht voor democratie en vrijheid van meningsuiting in het onderwijs.

‘De staatssecretaris wil dat scholieren zich bewuster worden van alle vrijheden en plichten, die in onze grondwet staan.’ 

Staatssecretaris Dekker is ook nog eens lid van de VVD die uiteraard, de naam zegt het al voor vrijheid is. Oh ja?

Ik eindigde een nog steeds niet gepubliceerd artikel (volgens mijn promotor goed en overtuigend) met opmerkingen over het stelselmatig negeren van de grondwet en de scheiding der machten door, jawel, de rechterlijke macht, met het volgende citaat:

What did you learn in school today dear little boy of mine?…I learned that justice never ends.

En dat is wat men de leerlingen vooral nog steeds door de strot wenst te wringen alsof het een stel ganzen zijn die vooral veel lever moeten opbrengen.

Wat leerlingen werkelijk moet worden geleerd is om zelf op zoek te gaan naar elk hoekje en gaatje van de democratie. En dat begint met het je eigen maken van de kritiek op de staat van de rechtstaat zoals mensen als ondergetekende regelmatig beoefenen. Maar ik weet heel erg goed dat mijn zoon het wel uit zijn hoofd zal laten om het daarover te hebben, dan wordt het al snel onder valse noemers  een paar punten erafgeschat. En zelf ben ik ook een paar keer door schoolleiders op onbeschofte wijze afgeschoten, zo erg dat ik het er in een geval niet eens maar over ga hebben tot ik niets meer met die school te maken heb (en maar roepen dat je je klachten vooral moet uiten).

Ons onderwijs is erop gericht nepnieuws, nepwetenschap en nepvertrouwen in de overheid te brengen. Het is dus neponderwijs. Maar uiteraard ben ik in hun (Dekker, rechters) ogen een grote nepper. En de meeste van u trappen daarin. Ja u denkt van niet misschien, maar misschien moet u er nog een keer goed naar kijken. Uiteraard wil ik best wel met Dekker hierover in discussie. Ik heb ook geprobeerd met Corien Prins in discussie te treden (komend voorzitter WRR en redactielid NJB) over de werkelijkheid. Maar zij schrijft liever leuke filosofische verhandelingen zonder naar de werkelijkheid te kijken. Dat zo iemand aan de top komt is voor mij een duidelijkheid signaal dat nepwetenschap de overhand heeft gekregen. wetenschap die niet echt meer in discussie gaat.

‘De waarheid is niet sexy’ vatte een van mijn vaste volgers het samen. Nepwaarheid is wel heel sexy.

Dit is NEPNIEUWS

2 januari 2017

‘Alle Kretenzers liegen altijd.  Alle complotdenkers liegen altijd. Kortom als ik het zelf zeg dan verspreid ik nepnieuws.’

Een beschouwing over de jaarwisseling. Mijn blog in 2017

update: 12-1-2017

Vorig jaar, 2016, was vooral het jaar van de indirecte censuur. ‘Complotdenkers zijn een gevaar voor de mensheid (net als communisten,  socialisten, christenen, en ja eigenlijk iedereen die wat denkt, gelooft, hoopt of liefheeft)’, was een hoofdlijn van de complotdenkende mainstreammedia. En op het eind van het jaar was daar weer een andere term voor; Nepnieuws (fakenews). Er werd ook hoe langer hoe meer echt gecensureerd. Overdreven zware bestraffingen voor zogenaamde smaad, verdwijnen van youtubefilmpjes, smaaddreigingen. Ook mijn blog had ermee te maken. Er zijn nog net geen filmpjes verwijderd bij mij. Dat kun je ook maar beter vóór zijn, vandaar dat ik op het eind van dit jaar een account opende op het Russische videokanaal VK. Dat is natuurlijk niet om Poetin te steunen maar om op twee benen te kunnen staan. Dat laatste kan ik ook u, lezer aanbevelen. Ga altijd op zoek naar de andere kant van de medaille. Niet om op het midden uit te komen, nee dat zou juist heel gevaarlijk zijn want daarmee zou je de winst geven aan degene die de onzin zo hoog mogelijk opdrijft. Dus probeer op een andere manier tot een synthese te komen. Of… luister gewoon naar mij natuurlijk 🙂

Zelf zal ik in 2017 denk ik al bloggend weer met weerstand te maken krijgen. De bezoekerscijfers zullen verder stijgen maar de repressie zal er mogelijk gelijke tred mee houden. Het laatste jaar heb ik me erg bezig gehouden met een van de belangrijkste complotten die er in de afgelopen decennia tegen de Nederlandse rechtstaat zijn gesmeed. Op 25 augustus 1997 besloot een vergadering van rechtbankpresidenten onder een illegale titel (ASZM) om een definitief einde te maken aan de algemene openbaarheid van rechterlijke uitspraken in Nederland. De helft van de Rechterlijke uitspraken is al decennialang niet meer openbaar. En het bijzondere is dat dit dus een complottheorie van míj is waarvan de feitelijke juistheid door iedereen heel makkelijk is vast te stellen. Lees mijn dossier  openbaarheid van uitspraken. Stap naar een rechtbank en vraag een uitspraak in het familierecht op die nog niet is gepubliceerd. Tegenwoordig houdt rechtspraak.nl ook ongepubliceerde uitspraken bij (zonder de inhoud te verklappen dus) en dat maakt het wel makkelijker om ze precies op nummer op te vragen. Nog beter werkt het als u er een weghaalt bij een van uw buren die met familierecht is geconfronteerd en kijkt of u die als gewone burger ook bij de rechtbank te pakken kunt krijgen. En als we dat allemaal gaan doen verandert er misschien wel iets. (Ja; warempel er begint al iets te veranderen; zie. ) En dat zou ik u ook willen aanbevelen. Ga dit massaal doen. Het is niet alleen uw recht het is uw burgerplicht.

Wat rest ons nog te kiezen dit voorjaar. Zijn er nog partijen die het volk vertegenwoordigen? nee. Mijn laatste discussie op dat vlak was met Dhr Datema hoofd beleid en strategie van de Christen Unie. Ja mijnheer Zander er zouden meer burgers als u moeten zijn die zich bezig houden met de rechtsstaat, maar wij gaan daar niets mee doen, we hebben belangrijkere zaken aan ons hoofd.  Zijn er nog parlementariërs die volksvertegenwoordiger durven te zijn? Ik denk dat er nog twee of drie zijn. Ik maakte er al geen geheim van dat het voor mij Peter Omtzight wordt tenzij er nog ergens een interessante nieuweling opduikt.

En vlak na de verkiezingen krijgen we op 1 april, de aanstelling van Corien Prins als voorzitter van de wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. Zij is gespecialiseerd in openbaarheid van uitspraken, maar weigert tot nu toe de eenvoudige wetenschappelijke exercitie te bespreken die ik hiervoor beschreef.

Het is alsof de tegenstanders van Galileo Galilei een gat in hun achtertuin graven en hun sterrenkijker naar het middelpunt van de aarde richten om vervolgens te concluderen dat er  niet eens een zon te zien is, laat staan dat de aarde er om heen zou draaien.

Aanstelling per 1 april, nee dit is geen grapje. Ik heb er onlangs nog een mailtje aan gewijd. Misschien komt ze op andere gedachten en hebben we op 1 april wat te vieren.

Gezien de stand van de Nederlandse wetenschappen heb ik er geen spijt van mijn promotiebezigheden bij de UvA te zijn gestopt. Onder die condities hoeft dat circus er ook niet bij. De tegenwerking die ik kreeg past prima in dit plaatje van duistere non-wetenschap. Ik overweeg mijn artikel over de Raad voor de Rechtspraak en de openbaarheid van uitspraken in het Engels te vertalen en daarmee een start te maken voor een promotie op een buitenlandse universiteit. Liefst een universiteit buiten het gebied van de Raad van Europa en dus buiten de geografische jurisdictie van het EHRM, de grootste illusi0nist van mensenrechten.

Ik ben eigenlijk niet al te optimistisch over de vooruitzichten in 2017. Maar we hebben het wel zelf in de hand. Geloof, hoop en liefde blijven daarbij belangrijke middelen. En liefde de belangrijkste (ja dat komt uit Korinthiërs)

We are going
Heaven knows where we are going
We know within

We will get there
Heaven knows how we will get there
we know we will

It will be hard
We know
And the road will be bumpy and rough

But together
Heaven knows how wer will get there
We know we will

mijn leerboek

mijn oude leerboek “Nederland, een rechtstaat” met uitgelicht deel over de openbaarheid van uitspraken. 2 keer doorklikken voor leesbare vergroting.

“Die meneer Wilders trekt heel veel van dat soort onvrede aan, en het is in mijn beleving maar goed dat hij dat doet. We hebben niet of nauwelijks vakbewegingen, er is geen way out voor die onvrede. Zonder een Wilders zou de samenleving nog veel beroerder zijn dan zij nu al is. Die onvrede zou anders misschien op een halfmisdadige manier tot uiting kunnen komen. Daar zitten we nu heel dichtbij.” Arnold Heertje in Paper 13-4 2016

Ik ben bepaald geen PVV-er , het is geen democratische club. Ze kunnen maar beter geen meerderheid krijgen. Maar bovenstaande uitspraak van Professor Heertje vind ik een goede karakterisering van dit tijdsgewricht.  Mijn mail aan 6 andere hoogleraren en nog een redactielid van het Nederlands JuristenBlad past daar prima bij. Ik deed hem zojuist de deur uit:

Niet willen weten leidt tot niet weten; wegkijken van het falen van de rechtsstaat

Geachte redactieleden van het Nederlands JuristenBlad,

Niet willen weten leidt tot niet weten. U heeft mijn artikel over het falen van de openbaarheid van uitspraken en de voorgeschiedenis van de Raad voor de Rechtspraak, voor uw blad, ten tweede male afgewezen op gronden die voor mij onbegrijpelijk zijn.

U komt formeel het recht toe om een artikel af te wijzen. Of dat in dit geval een verdedigbare grondhouding weerspiegelt betwijfel ik. Maar wat ik wel weet, is dat het tiental argumenten dat u levert om tot deze afwijzing te komen stuk voor stuk van zin verstoken zijn, en in twee gevallen zelfs een onware bewering over mijn artikel behelzen. Ik vind niet dat u het recht toekomt om een burger die zich zo kwijt van zijn burgerlijke plichten af te serveren als ware ik een soort onbesuisde herrieschopper. Ik sta in deze opvatting niet alleen. Ik word begeleid door een hoogleraar die mijn artikel als ‘goed en overtuigend’ kwalificeerde.  Het is ook uw goed recht en uw plicht om het niet bij voorbaat met mij eens te zijn. Maar het is wel, denk, ik uw plicht, zeker als wetenschapper om de discussie te voeren, en ook om die openbaar te voeren. U heeft besloten deze discussie op geen enkele manier te voeren, zelfs niet om onwaarheden te corrigeren. Dat neem ik u kwalijk.

Ik kan er moeilijk van uit gaan dat u niet zou begrijpen dat mijn verhaal een aantal belangrijke problemen ten aanzien van de controle op de rechterlijke macht blootlegt. Mijn hypothese is dan ook dat het probleem van de gemankeerde en valselijk voorgewende openbaarheid in bijna de helft van de rechterlijke uitspraken, een dusdanige omvang heeft aangenomen dat niemand er meer raad mee weet, en u ook niet. En dat wilt u liever niet echt weten, dat kan ik als wetenschapper, zelfs begríjpen. Cognitieve dissonantie (hoogleraren zijn daar door de psychologie helaas niet van vrijgesteld), onder andere, staat in de weg om mijn verhaal tot u door te laten dringen.

Ik heb voor deze situatie een variant gemaakt op een bekende spreuk: Wir haben es nicht gewusst, weil wir das nicht wissen möchten. Komt u misschien een beetje overdreven voor, maar als mechanisme is het daarmee adequaat geduid. Zowel emotioneel als rationeel past deze zegswijze. Zelf voel ik me een outlaw (geen enkele band meer met deze  ‘rechtstaat’)  die de wet verdedigt. Een onmogelijke spagaat zoals u zult begrijpen.

Ik heb mijn oorspronkelijke artikel nogmaals bijgevoegd. En onder deze mail heb ik uw afwijzingstekst nog een keer gememoreerd.
Gezien mijn positie als verantwoordelijke burger en wetenschapper, zal ik het niet eenvoudig opgeven u hiermee lastig te vallen. Als u het niet wilt weten zal ik u dat dan in ieder geval zo moeilijk mogelijk maken. Mijn reactie op uw afwijzing kunt u als u dat wenst in mijn blog nalezen. daarin gebruik ik uiteraard blogtaal. We kunnen het ook op een andere manier opnieuw proberen. Zie ook mijn eerdere mails aan u.

Ik heb wel eens aardigere pogingen gedaan om dit probleem aan de orde te krijgen. Ik kan me herinneren dat ik op een rechterscongres (zie de beschrijving in mijn artikel) 20 jaar geleden van een hoogleraar recht kreeg te horen dat ik fout zou zitten met mijn stelling dat rechterlijke uitspraken gezien de grondwet zonder uitzondering openbaar dienen te zijn. Toen ik na afloop van de workshop hem nogmaals aansprak, trok hij een klein boekje uit zijn tas, met daarin de grondwet. ‘U heeft gelijk’ zij hij daarna. Dat vond ik sportief. Ik wens u dezelfde houding toe.

met vriendelijke groet

-- 
Joep Zander
joepzander.nl

Dit was een nakomertje van mijn blogs over de staat van de staat en het NJB.

Als het NJB mijn artikel niet publiceert zal ik het ergens anders publiceren.

De redactie van het NJB bestaat uit voorzitter en voormalig lid van de Hoge raad Coen Drion,  hoogleraar, en lid Hoge Raad Ybo Buruma en Advocaat Generaal bij de Hoge Raad en hoogleraar: Ton Hartlief, Taru Spronken, Peter J. Wattel en de hoogleraren Corien (J.E.J.) Prins en Tom Barkhuysen.

rechter2(this blog was published at 1-4-16. Changed the date for several reasons)

For several decades the Netherlands do not meet the rules of the state of law. The accountability of the judiciary is severely compromised because about half of the court decisions are not been made public. There is no effective public control, even not through inspection on this part of the Trias Politicas. And meanwhile they sign each decision, stating it was made public. This problem exists in the Netherlands and in some way in some other Western countries.  However, the power of the judiciary is so immense that gradually everyone keeps his mouth. Personally, I keep a file on this matter. I recently took the temerity to offer an article on this issue to main Dutch Juridical magazine Nederlands JuristenBlad. They rejected my article. The rejection reasons for this were absurd. I dedicated 6 blogs, a few thousand words, to this matter, to explain the absurdity of the reasons of this refusal. My article bore the express approval away from my accompanying professor (I am a PhD student at the University of Amsterdam) There follows a final blog. I make this English text for civilians in other countries to make them aware that serious mass violations of fundamental human rights in the Netherlands is reality. To learn more, you can use the translate button (right) to translate my blogs on the issue. I am open to comments, also in English. I apologize for any spelling and style errors in this English text. Correction suggestions are also welcome.

I am also open for suggestions for publication possibility’s in English of the whole original article.

Sincerely

Joep Zander

PS: The editorial board of the magazine:  Chairman and former member of the Dutch Supreme Court: Coen Drion, former professor, now  member of the Dutch Supreme Court Ybo Buruma, Professor and Advocate General at the Supreme court Ton Hartlief, Professor and Advocate General at the Supreme court Taru Spronken, Professor and Advocate General at the Supreme court Peter J. Wattel and the professors (law): Tom Barkhuysen, Corien (J.E.J.) Prins.

inquisitie3(laatste update 12-04=2016 14.15 u)

Ergens in de jaren negentig werkte ik stukje bij beetje aan een schilderij over de magistratuur. Het was een donker schilderij, inquisitie geheten. Naar mate ik verder kwam, dat kan soms lang duren bij mij, werd het ………

Dit is mijn afsluitende blog over de merkwaardige manier waarop een stel hoogleraren, hoge-raadsleden, advocaten generaal, verenigd in de redactie van het Nederlands JuristenBlad, aankijken tegen de staat van onze rechtsstaat. Aankijken? Nee, eigenlijk vooral wegkijken.

Ik bekritiseerde hun standpunt dat al die miljoenen uitspraken in het familierecht in de afgelopen decennia volslagen oninteressant zouden zijn geweest. Ik merkte op dat de redactieleden de illusie wensen te onderhouden dat je zo’n uitspraak in individuele gevallen best wel te pakken zou krijgen. Ik bewees dat dat niet het geval is, of je nou activist bent of niet, schreeuwer of nette burger, geen kans.

Ik bestreed de veronderstelling dat transparantie en controle niet zouden kunnen bijdragen aan de kwaliteit van het geleverde recht. Het kan geen recht zijn als het niet transparant is. Ik benadrukte het uitzonderlijke belang van het handhaven van een nette rechtsgang, juist in het familierecht. Het vreemde idee dat dit alles geldverspilling zou zijn is al van zichzelf belachelijk zonder dat daar eigenlijk een toelichting voor nodig zou moeten zijn.  Desalniettemin heb ik ook nog uitgelegd dat anonimiseren van rechterlijke uitspraken helemaal niet veel hoeft te kosten.

Kortom, ik heb mijn best gedaan wat te communiceren. De redactie vindt toch dat er iets mis is met mijn manier van communiceren, hoewel ze juist zelf aanvankelijk elke discussie uitsloten. Ik communiceerde namelijk in deze blogs openbaar. En dat was nou net het punt, ook de discussie over geheime vonnissen moet blijkbaar in het geniep worden gevoerd. Sinds wanneer is iemand anders zijn communicatie trouwens een reden om zelf wartaal te handhaven?

Het viel me weer op hoe tegenstrijdig hun praktijken zijn met hun theoretische opvattingen. Ik gaf redactielid prof. Prins een complimentje voor haar theoretische betogen over openbaarheid. Buruma slooft zich uit om duidelijk te maken dat je de rechterlijke macht moet vertrouwen, ook als hoogleraar in een leeropdracht ‘Rechtsstaat, rechtsvorming en democratie. Hartlief en vooral Barkhuysen hebben zich er nota bene hard voor gemaakt  dat theorie en praktijk wat met elkaar te maken hebben. Dat mogen ze dan hun collega-redactieleden en zichzelf eens gaan uitleggen. Spronken…. mensenrechten, opgetreden voor het EHRM, maar art 6.1 van het Europees verdrag voor de Rechten van de Mens ho maar. En als ik nog even zo doorzoek kan ik  vast wel meer moois vinden.

Terug naar dat schilderij. Hoe langer ik er aan verder werkte, hoe langer hoe meer begon het te lijken op een soort poppenkast. Het schilderij nog steeds in zwart gehuld, maar de rechters hoe langer hoe meer in geel en rood. U ziet het schilderij hierboven in de staat waarin ik het verkocht aan een advocatenkantoor.

Mijn tekstschilderij “De zwarte dRaad voor de Rechtspraak”, het artikel dat ik, na overleg, inleverde bij het Nederlands JuristenBlad lijkt een beetje dezelfde weg gegaan. Eerst maakte ik een zakelijke samenvatting van het gebeuren rond de Raad voor de Rechtsp(r)aak  en de openbaarheid van uitspraken (zie). Daarna maakte ik er een heel mooi stuk van waarin ik ‘goed en overtuigend’ (Louis Tavecchio) aantoonde hoe mis het is met een van onze rechtstatelijke principes. Toen het werd afgewezen op oneigenlijke gronden heb ik dat bloedserieus besproken. Zo bloedserieus dat het, misschien daardoor wel extra lachwekkend werd hoe die poppen zich verslikten in hun eigen onzin. Desalniettemin hebben ze de macht.

Afin, het oorspronkelijke artikel houd ik nog achter de hand voor publicatie elders (hoop ik). Veel wat daarin naar voren kwam heb ik hier ook besproken. Maar het was natuurlijk in dat artikel juist in een prachtig verhaal gevat. En wat u eigenlijk nog mist zijn een aantal belangrijke kwesties over de geschiedenis van de Raad voor de Rechtspraak.

Verder denk ik dat de schandalige manier waarop er binnen een aantal rechtssectoren wordt omgegaan met de basisprincipes van het recht ertoe leidt dat magistraten het ook in het algemeen minder nauw aan het nemen zijn met de regels v an het recht. Breek dit systeem.

================================================================

Dit was ( naast een aantal tussenblogs) de zevende en afsluitende blog in een serie over de staat van de staat en het NJB.

Als het NJB mijn artikel niet publiceert zal ik het ergens anders publiceren.

De redactie van het NJB bestaat uit voorzitter en voormalig lid van de Hoge raad Coen Drion,  hoogleraar, en lid Hoge Raad Ybo Buruma en Advocaat Generaal bij de Hoge Raad en hoogleraar: Ton Hartlief, Taru Spronken, Peter J. Wattel en de hoogleraren Corien (J.E.J.) Prins en Tom Barkhuysen.

 

mq1

Jaren geleden maakte vader Henri Behari dit plaatje op het thema Bananenrepubliek

‘ met excuses aan de bananenrepublieken die in werkelijkheid natuurlijk zo heten omdat ze onder het dictaat leven van westerse bedrijven’ schreef ik een paar weken geleden in een serie over de staat van het Westerse justitieapparaat.

Ook de juridische banaantjes importeren de rijkeren  uit een bananenrepubliek blijkt inmiddels. Juridische constructies (zie panamapapers) die natuurlijk niet bedacht zijn door de Panamese bevolking, maar daar worden uitgevoerd omdat dat beter uitkomt. Ze worden bedacht in ‘onze’, of naar voorbeeld van ‘onze’, opvattingen over wat justitie is. Namelijk recht voor de rijksten en de sterksten.

De staat van onze westerse rechtsstaat is wanstaltig en wordt aangevoerd door, en beschermd door de crème de la crème van een justitieapparaat dat zich goed vertegenwoordigd weet in de redactie van het Nederlands Juristenblad. Er is een groot belang om burgers buiten te houden, niet aan het woord te laten,  als het gaat om de grondwaarden van onze rechtsstaat.

Het gaat dus niet alleen om familierecht. De waanzin in het familierecht (niet gebaseerd op onderzoek, noch wijsheid, noch waarheid maar door het samenspannig negeren en overtreden van de wet) heeft zijn uitstraling naar de rest van het recht. Regels zijn er als ze goed uitkomen voor de sterksten.

===========================================

Dit was een tussenbericht in een serie blogs over de staat van de rechtsstaat en de redactie van het Nederlands JuristenBlad. Er volgt nog een afsluitende, concluderende blog.

Ik wil nog melden dat de redactie na een aanvankelijke totale weigering om te discussiëren over hun vreemde beweegredenen en toen toch weer ( nadat ik de discussie naar buiten bracht) een aanbod voor een strikt persoonlijke discussie met de redactiesecretaris en toen weer intrekken van dat aanbod omdat ik de discussie in het openbaar voer en toen toch weer een aanbod voor discussie met de redactie verwoord door redactielid Corien Prins, en nu plenair toch maar weer besloot om de discussie niet te voeren omdat:

‘Ik kan u namens de redactie laten weten dat zij haar eerdere afwijzing handhaaft en daar verder ook niet over in discussie wenst te gaan. Uw manier van communiceren heeft daar zeker mee te maken.’

Nee juristen van dit niveau zijn niet gewend dat je ze tegenspreekt als gewone burger. Je moet gewoon heel beleefd vragen of ze het misschien heel alsjeblieft toch nog een heel klein beetje vanuit een andere invalshoek mag laten zien, hoe vreemd hun verhaal ook is.

De redactie van het NJB bestaat uit voorzitter en voormalig lid van de Hoge raad Coen Drion, voormalig hoogleraar, nu lid Hoge Raad Ybo Buruma en Advocaat Generaal bij de Hoge Raad en hoogleraar: Ton Hartlief, Taru Spronken, Peter J. Wattel en de hoogleraren Corien (J.E.J.) Prins en Tom Barkhuysen.

%d bloggers liken dit: